februari 1823, het eerste transport uit Amsterdam

Op 15 februari 1823 komt het eerst transport uit Amsterdam aan, ook wel het eerste transport-Sepp, beschreven in De bedelaarskolonie pagina 139-142. Zie hier voor een lijst met alle namen in dat transport. Op 19 februari 1823, invnr 64, schrijft de directeur der koloniën over dat transport, waarbij hij een brief aanhaalt van de adjunct-directeur van de Ommerschans, Georg Hoff:

 

Nog ontvangt de Permanente Kommissie hier door berigt dat op den 15 dezer te O.S. zijn aangekomen 60 bedelaars van Amsterdam; nog geene nominatieve staat daar van ont­vangen hebbende, zal ik de eer hebben, die bij eene volgende intesluiten.

Intusschen laat ik hier het berigt van de Heer Adj. Direkt. von Hoff dienaangaande volgen, en neem de vrijheid de Perm. Kommissie te verzoeken mij te willen elucideren, hoedanig met de daarbij vermeldde 5 personen te handelen;

mijne opinie bestonde om die invalides bij open water of vroeger terug te zenden; daarbij voegende als mede betreffende betaling der rijskosten.

“Zestig bedelaars – zo schrijft von Hoff – zijn gister onder geleide van een kommissaris van policie van Amsterdam hier aangekomen;
de overmati­ge aanbeveeling van eenige hun­ner en de zorgvuldige rangschikking, ten einde de invalides te verbergen, wekken mijn wantrouwen, en het bleek bij onderzoek door ­de chirurgijn gegrond te zijn, namentlijk

1o Joh. Fr. Siekers, met een door fister­leuze gebreken volstrekt stijf aan armen en handen.

2o Kellerman, tonende veel hoger dan de opgegeven jaren, en zijnde door jichtknob­bels buiten staat om zonder geleide te gaan, met vrouw en kind.

3o Lammert Hooij, met eene uitgestrekte spina donti.

4o Harm Zegers, met een verzwakte regter hand,

5o Manche, zwaar astmatiek.

kunnen als buiten staat worden aangemerkt om in het gestigt hunner kost te winnen, en ik verwagt omtrent hun de beveelen der Direk­tie.

Bij het transport bevinden zich eenige van de vroeger door de Perm. Komm. opge­geven Amsterdamsche bedelaars. Ik heb geweigerd om eenige transportkosten te be­talen, om dat het mij niet bleek, of deeze toezending in gevolge het vroeger of ingevol­ge het later kontrakt geschied was; in alle geval zoude ik tot betaling van nabij ƒ900.- geen geld hebben gehadt.”

 

Zie voor meer over adjunct-directeur Hoff deze pagina.